fbpx

Wat zijn virtual agents en waarom zijn ze nuttig?

Virtual Agents - Esther Olofsson

Leestijd: 4 minuten

Door: Denise en Eveline

Inleiding

Virtual Agents - Esther Olofsson
Esther Olofsson. Overgenomen van https://www.rauwcc.nl/work/esther-olofsson.

Ken jij Esther Olofsson al? Misschien heb je haar wel eens gezien op Instagram? In het echt zul je Esther echter niet tegenkomen. Esther is namelijk een virtuele influencer en ze bestaat dus niet echt! De bedenker van Esther, Maarten Reijgersberg van RauwCC, benoemt de vele voordelen van zo’n virtuele influencer. Een virtuele influencer is bijvoorbeeld leeftijdloos en blijft dus passen bij de doelgroep van een bedrijf.

Ook in e-learning kun je gebruik maken van virtuele personen, virtual agents genoemd. Deze digitale karakters zijn tijdens het leren (al dan niet continu) aanwezig en kunnen verschillende rollen aannemen, bijvoorbeeld een instruerende of coachende rol. Een virtual agent kan cartoonachtig zijn of eruitzien als een écht persoon, doordat er gebruik gemaakt wordt van foto’s. Welke voordelen heeft de inzet van zo’n virtual agent in e-learning?

Prestatie

Shiban et al. (2015) onderzochten de invloed van virtual agents op de leerprestatie. Ze maakten daarbij onderscheid tussen drie condities: een conditie met een slanke jonge vrouw als virtual agent (genaamd Minnie), een conditie met een dikke oudere man als virtual agent (genaamd Edgar) en een conditie zonder virtual agent. De virtual agents spraken niet.

Op het gebied van leerprestatie werden geen duidelijke verschillen gevonden tussen de condities mét en zonder virtual agent. De proefpersonen die Edgar als virtual agent hadden, presteerden iets beter dan de proefpersonen die Minnie als virtual agent hadden. Een mogelijke verklaring is dat de proefpersonen Edgar meer als expert beschouwden dan Minnie. Morrison, Cegielski en Rainer (2012) toonden namelijk aan dat de leerprestatie verbetert als de virtual agent als betrouwbare expert wordt gezien.

E-Learning Training - Virtual Agents
Virtual agents Edgar en Minnie. Overgenomen van “The appearance effect: Influences of virtual agent features on performance and motivation”, door Y. Shiban, I. Schelhorn, V. Jobst, A. Hörnlein, F. Puppe, P. Pauli, en A. Mühlberger, 2015, Computers in Human Behavior, 49, p. 7.

Daarnaast hangt het geven van uitgebreide feedback samen met verbeterde prestatie (Lin, Atkinson, Christopherson, Joseph, & Harrison, 2013). Ook een vriendelijk gesprek met de virtual agent beïnvloedt de prestatie positief (Wang et al., 2008). Meer onderzoek naar de invloed van virtual agents op de prestatie is nodig.

Motivatie

Shiban et al. (2015) onderzochten niet alleen of virtual agents invloed hadden op de prestatie, maar ook of virtual agents invloed hadden op de motivatie om te leren. Hoewel er geen verschil zat tussen de motivatie van proefpersonen die met of zonder virtual agent werkten, vertoonden de proefpersonen die Minnie als virtual agent hadden meer interesse in de leerstof dan proefpersonen die Edgar als virtual agent hadden. Daaruit blijkt dat de karakteristieken van een virtual agent belangrijk zijn voor de invloed op motivatie.

Het effect van een virtual agent op de motivatie wordt groter naarmate de virtual agent meer op de leerling lijkt (bijvoorbeeld qua gender of leeftijd; Bailenson, Blascovich, & Guadagno, 2008; Rosenberg-Kima, Plant, Doerr, & Baylor, 2010; Gulz, Haake, & Tärning, 2007). Dit komt overeen met het gedachtegoed van de sociaal-cognitieve leertheorie van Bandura (1997), waarbij mensen graag leren van mensen die zij als gelijke zien.

Daarnaast hebben virtual agents die zichtbaar (ofwel ‘fysiek’ aanwezig zijn) een meer motiverende uitwerking dan gebruik van slechts een stem of geschreven tekst (Baylor & Kim, 2009). Een andere karakteristiek die invloed heeft op de motivatie is de menselijkheid van de virtual agent. (Baylor & Kim, 2004). Realistische virtual agents hebben een positiever effect op de motivatie dan cartoonachtige virtual agents. Daarbij is echter wel sprake van de zogenaamde uncanny valley: in principe betekent een meer realistische vormgeving van de virtual agent dat er meer motivatie is bij de leerling, maar wanneer de virtual agent voor 70 tot 80% op een mens lijkt, neemt de motivatie juist af. Wanneer de virtual agent lastig te onderscheiden is van een echt persoon, neemt de motivatie weer toe.

Net als op prestatie heeft feedback van de virtual agent ook op motivatie een positieve uitwerking. Het geven van een compliment bij een juist antwoord vergroot de intrinsieke motivatie door gevoelens van competentie, zelfcontrole, zelfredzaamheid en nieuwsgierigheid te verhogen (Johnson et al., 2004). Daarbij is het belangrijk dat de virtual agent op gevorderd niveau kan communiceren (Allmendinger, 2010), bijvoorbeeld met non-verbale hints en realistische gezichtsuitdrukkingen die samenhangen met de houding (Visschedijk, Lazonder, van der Hulst, Vink, & Leemkuil, 2012). Ook oprechte interactie tussen de virtual agent en de leerling vergroot de motivatie om te leren (Baylor, 2011).

Conclusie

Een virtual agent kan dus zeker invloed hebben op de leerprestatie en de motivatie. Hoewel onderzoeken naar de effecten van virtual agents niet altijd eenduidige resultaten vertonen en er nog meer onderzoek nodig is, kan er worden geconcludeerd dat drie factoren belangrijk zijn voor de effecten van virtual agents, namelijk:

  • Uiterlijke karakteristieken van de virtual agent: hoe ziet de virtual agent eruit?
  • Manier van communiceren die de virtual agent hanteert: gebruikt de virtual agent alleen schriftelijke tekst, spraak en/of non-verbale cues, zoals gezichtsuitdrukkingen?
  • De rol van de virtual agent: wordt de virtual agent ingezet om kennis over te brengen of om te motiveren?

Niet alleen op het gebied van sociale media, maar ook bij e-learning is er dus mogelijkheid tot het inzetten van virtuele personen Wat denken jullie? Virtual agents inzetten in e-learning of niet?

Literatuur

Allmendinger, K. (2010). Social presence in synchronous virtual learning situations: The role of nonverbal signals displayed by avatars. Educational Psychology Review, 22, 41–56.

Bailenson, J. N., Blascovich, J., & Guadagno, R. E. (2008). Self-representations in immersive virtual environments. Journal of Applied Social Psychology, 38, 2673–2690.

Bandura, A. (1997). Self-efficacy: The exercise of self-control. New York: Freeman.

Baylor, A. L. (2011). The design of motivational agents and avatars. Educational Technology Research and Development, 59, 291–300.

Baylor, A. L., & Kim, Y. (2004). Pedagogical agent design: The impact of agent realism, gender, ethnicity, and instructional role. Intelligent Tutoring Systems 2004, 592-603.

Baylor, A. L., & Kim, S. (2009). Designing nonverbal communication for pedagogical agents: When less is more. Computers in Human Behavior, 25, 450–457.

Gulz, A., Haake, M., & Tärning, B. (2007). Visual gender and its motivational and cognitive effects: A user study. Verkregen via https://www.lucs.lu.se/wp-content/uploads/2013/09/gulz_ haake_tarning_report_2007.pdf

Lin, L., Atkinson, R., Christopherson, R., Joseph, S., & Harrison, C. (2013). Animated agents and learning: Does the type of verbal feedback they provide matter? Computers & Education, 67, 239-249.

Morrison, R., Cegielski, C. G., & Rainer, R. K. (2012). Trust, avatars, and electronic communications: Implications for E-learning. Journal of Computer Information Systems, 53, 80–89.

Rosenberg-Kima, R. B., Plant, E. A., Doerr, C. E., & Baylor, A. L. (2010). The Influence of computer-based model’s race and gender on female students’ attitudes and beliefs towards engineering. Journal of Engineering Education, 99, 35–44.

Shiban, Y., Schelhorn, I., Jobst, V., Hörnlein, A., Puppe, F., Pauli, P., & Mühlberger, A. (2015). The appearance effect: Influences of virtual agent features on performance and motivation. Computers in Human Behavior, 49, 5-11.

Visschedijk, G. C., Lazonder, A. W., van der Hulst, A., Vink, N., & Leemkuil, H. (2012).Modeling human emotions for tactical decision-making games. British Journal of Educational Technology, 44, 197-207.

Wang, N., Johnson, W. L., Mayer, R. E., Rizzo, P., Shaw, E., & Collins, H. (2008). The politeness effect: Pedagogical agents and learning outcomes. International Journal of Human–Computer Studies, 66, 98–112.

 

Interessant? Vraag een gratis adviesgesprek aan

Spreekt dit blog je aan? Wij bespreken graag jouw e-learning wensen in een online adviesgesprek. Zo komen we samen tot de ideale leeroplossing.

Plan meteen een afspraak in onze agenda.

Aan het werk met een LMS

Gerelateerde berichten